Bestrijding van teken

Om te beginnen: waarom moeten we teken bestrijden?

Geen jeuk

Teken lijken kleine spinnetjes, die leven van het bloed van mensen en dieren; dus ook van het bloed van onze honden en katten. Teken ‘vallen’ op een hond of een kat (of mens), bijten zich vast in de huid en laten zich na een bloedmaaltijd, die tot dagen kan duren, weer vallen in de omgeving. Teken veroorzaken geen jeuk, zijn meestal niet pijnlijk en worden vaak alleen opgemerkt doordat je de teek in de huid ziet zitten. Zelden zien we allergische reacties op teken, hoogstens wat milde lokale reacties die vaak niet eens opvallen tussen de haren.

Bloedarmoede

In gebieden elders op de wereld bijv. op de Caribische eilanden, waar honden en katten soms wel meer dan 100 bloedzuigende teken tegelijk kunnen hebben, kan er zoveel bloedverlies optreden dat de dieren ernstige bloedarmoede krijgen. Dat zien we in Nederland niet bij onze huisdieren.

Ziekte van Lyme (Borreliose)

De belangrijkste reden om teken te bestrijden of, beter gezegd, te voorkomen dat onze huisdieren teken krijgen is het feit dat teken verschillende ziektes kunnen overbrengen. In Nederland is er met name een risico op de ziekte van Lyme (Borrelia bacterie).

In de warmere gebieden van Zuid-Europa, maar ook op andere warme plekken in de wereld, is de kans groter om besmet te worden met een door teken overgebrachte ziekte. Ook zien we in die gebieden ziektes die worden overgebracht door andere insecten, zoals muggen en vliegen. Mede door klimaatverandering en het feit dat steeds meer huisdieren meegaan op vakantie naar het ‘zuiden’ zien we door teken overgebrachte ziektes zoals Babesiose en Ehrlichiose nu ook af en toe in Nederland.

Redenen genoeg om teken te bestrijden en te voorkomen. Zeker als je naar het buitenland gaat!

 

Hoe moeten we teken bestrijden en waarom moeten we het op ‘die bepaalde manier’ doen?

Achtergrondinformatie

Voordat we ‘het hoe en waarom’ uitleggen bij de bestrijding van teken, geven we eerst nog wat achtergrondinformatie. Die hebben we nodig om te kunnen begrijpen waarom we op de juiste manier teken moeten bestrijden. Als je als huisdiereigenaar de noodzaak begrijpt van het waarom, ben je ook veel meer gemotiveerd om het goed te doen.

Steeksnuit

Een teek kruipt over de huid van zijn gastheer om een plekje te vinden om bloed te zuigen. Een teek kan niet springen, zoals een vlo.  Een teek heeft een kop en een lichaam. De kop van een teek bevat een steeksnuit waarmee de teek door de huid kan prikken. Op deze snuit zitten weerhaakjes waarmee de teek zich stevig vastzet in de huid. De teek produceert ook speeksel met cement erin waarmee hij zich nog beter vast kan zetten in de huid.

Grootte van een teek

De grootte van een teek varieert van 0.5 mm tot 8 mm grootte, afhankelijk van het stadium van de levenscyclus en of de teek een bloedmaaltijd gehad heeft en dus een overvolle buik heeft: een volwassen vrouwelijke teek die zich gevoed heeft kan wel 1,5 tot 2cm groot worden.

Levenscyclus

De meest bekende teek die in Nederland voorkomt is de schapenteek of Ixodus ricinus. Er zijn verschillende stadia in de levenscyclus van een teek: volwassen teek > ei > larve > nymf > volwassen teek. Het kan jaren duren voor de teek volledig is ontwikkeld. Ieder stadium van de teek heeft bloed nodig. Net als de andere tekensoorten die worden gevonden in Nederland heeft de schapenteek 3 gastheren nodig. De volwassen vlo legt eieren in de omgeving en daar komen de larven uit de eieren. Het vervolg:

De larven gaan op zoek naar de eerste gastheer bijv. een muis en komen daarna weer in de omgeving; daar ontwikkelen larven zich tot nimfen.
De nimfen gaan op zoek naar de tweede gastheer, bijv. een konijn en komen daarna weer in de omgeving; daar ontwikkelen zij zich tot de volwassen teken.
De volwassen teken gaan op zoek naar de derde gastheer, bijv. een hond of kat. De volwassen teken vallen na de bloedmaaltijd van hun gastheer, komen weer terecht in de omgeving en leggen daar weer eieren.
In de omgeving komen de larven uit de eieren en de larven gaan op zoek naar de eerste gastheer enz.

 

Ziekte van Lyme (Borreliose)

De nimf (niet met het blote oog zichtbaar) en de volwassen teek (nog geen bloed gezogen, heel klein, maar wel met het blote oog zichtbaar) kunnen beide overdragers zijn van de ziekte van Lyme bacterie.

Verloop levenscyclus

Het verloop van de levenscyclus wordt medebepaald door de omstandigheden. De cyclus en de activiteit van een teek zijn afhankelijk van de temperatuur, luchtvochtigheid, voedselbronnen en het aanbod van gastheren. Teken worden vanaf een bepaalde temperatuur actiever. Bij de schapenteek is dat al boven de 8˚ Celsius. Over het algemeen zijn de belangrijkste tekensoorten actief vanaf half februari tot eind november. Maar ze kunnen, door de wisselende temperaturen in ons land, het hele jaar door actief zijn!

Tuinieren

Teken kunnen zich overal bevinden. De eieren bevinden zich in grassen, grond en bladeren. De oudere stadia kunnen zich in struikgewas, grassen of planten bevinden terwijl ze op hun gastheer wachten.  Ook kunnen de verschillende stadia op veel verschillende gastheren overleven, zoals egels, honden, katten, vogels, paarden, knaagdieren enz. Teken komen niet alleen voor in het bos, maar komen ook voor in je tuin, op de golfbaan, in het park, de speeltuin enzovoort. De meeste tekenbeten bij mensen vinden plaats tijdens het tuinieren!

Honden en katten die veel struinen door het struikgewas lopen sneller teken op.  Let op de plekken (veel struikgewas etc.) waar een hond wordt uitgelaten of de kat gewoonlijk de dag doorbrengt. Gebruik van tekenbestrijdingsmiddelen en dagelijks tekencontrole (ook bij behandelde dieren) zijn dan zeker belangrijk.

In Nederland is gemiddeld 20% van de teken besmet met Lyme; dat kan locaal variëren van 0-50%. Op www.tekenradar.nl kun je informatie vinden over het besmettingspercentage van de teken met de Lyme bacterie in jouw omgeving. Hierdoor zou je een keuze kunnen maken om bepaalde uitlaat gebieden te mijden of juist op te zoeken.

Plan van aanpak

Met deze achtergrondinformatie kunnen we een effectief plan maken om teken te bestrijden. Wat je ook doet, het is in alle gevallen van belang dat iedere teek zo snel mogelijk wordt verwijderd (binnen 24 uur na het aanprikken van de gastheer). Dat betekent dat je dagelijks je huisdier moet controleren op aanwezigheid van teken. En als je teken vindt?

Onbehandelde dieren

Dieren die niet recent behandeld zijn met teken dodende of teken werende middelende, moeten behandeld worden met een bestrijdingsmiddel dat ook alle eventuele kleine nymfjes of teken in wording (die over het hoofd worden gezien, maar wel drager van de ziekte van Lyme kunnen zijn) gedood worden.

Teken dodend of werend

Een tekenmiddel kan werken als teken dodend middel of als teken werend middel. Teken dodende middelen zorgen ervoor dat een nieuw aangehechte teek, binnen 24-48 uur gedood wordt, afhankelijk van de werkzame stof. Als de teek binnen 24-48 uur gedood wordt, wil dit niet zeggen dat de teek de huid ook los heeft gelaten. Teken werende middelen zorgen ervoor dat een teek niet zo snel wil aanhechten op de huid van een behandeld dier.

Kat geen teken werende middelen
Let op: over het algemeen mogen de werkzame stoffen die als eigenschap teken werend effect hebben, niet op katten gebruikt worden!

Tekentang

Hoe sneller en zorgvuldiger de teek wordt verwijderd, hoe kleiner de kans op besmetting met een door de teek overgebrachte ziekte. Om de teek zelf te verwijderen gebruik je een puntig pincet of een goede tekentang. Probeer de teek zo dicht mogelijk op de huid bij de kop beet te pakken en niet in het lichaam van de teek te knijpen. Trek met de pincet of tekentang de teek voorzichtig recht – ja, je hebt het goed gehoord, recht – uit de huid.

Er is veel onduidelijkheid en tegenstrijdigheid over het verwijderen van teken. Volgens sommige bronnen moet een teek absoluut niet worden gedraaid, terwijl andere bronnen juist melden dat de teek alleen moet worden gedraaid, en er niet aan moet worden getrokken.

Een misverstand is dat teken zich in de huid zouden schroeven en in de tegenovergestelde richting kunnen worden uit geschroefd. Teken schroeven zich niet in de huid en kunnen dan ook niet worden uit geschroefd. Echter, aangezien de steeksnuit een soort weerhaakjes heeft, zou een licht draaiende beweging verwijdering

mogelijk makkelijker kunnen maken. Niettemin verhoogt draaien waarschijnlijk wel de kans dat de steeksnuit afbreekt.

Verboden huismiddeltjes

Het is een misverstand dat teken zouden loslaten als we ze zouden proberen te verbranden met een aansteker, te verdoven met alcohol, te verstikken met olie of door erin te prikken of te knijpen. Met de vingers of met een gewone brede pincet een teek weghalen geeft ook kans dat er in de teek wordt geknepen, en wordt dan ook afgeraden. Alle methoden waarbij de teek wordt geïrriteerd geven de kans dat de teek juist extra speeksel produceert of de maaginhoud opbraakt. Hierin bevinden zich ziekteverwekkers die op deze manier in de bloedbaan komen.

Desinfectie

Desinfecteer het bijtwondje na verwijdering van de teek met alcohol (70%) of met jodium. Als het toch gebeurt dat de monddelen in de huid achterblijven, probeer dan niet die resten er met een pincet uit te peuteren; een druppeltje jodium erop is al voldoende. De tekentang of tekenpincet kan na gebruik in kokend water worden gedesinfecteerd.

 

Ziekte van Lyme

Komt ziekte van Lyme bij honden voor en hoe herkennen we deze ziekte? De realiteit is dat het aantal klinische gevallen in de dierenartspraktijk uiterst beperkt is. Het percentage seropositieve honden in Nederland is eveneens heel laag. Mogelijkerwijs is er bij honden een natuurlijke immuniteit.

Bij verdenking van ziekte van Lyme, bijv. in gevallen van onbegrepen pijn, in o.a. gewrichten, met koorts, schrijven we met succes een kuur met doxycycline voor gedurende vier weken. Voor de zekerheid. Maar dit antibioticum doodt ook andere bacteriën, dus is het maar de vraag, achteraf, of de Lyme bacterie wel de oorzaak was. Af en toe hebben we wel het vermoeden dat we bij een onbegrepen chronische therapieresistente pijn met koorts te maken hebben met een immuun probleem veroorzaakt door de Lyme bacterie, zoal bij mensen bekend is. Zeker weten we dat niet. De typische rode ring op de huid die we bij mensen zien, zien we bij honden niet of valt niet op door de beharing.

LinkedIn
Twitter
WhatsApp

Dit artikel is geschreven door Atjo Westerhuis

Atjo Westerhuis is dierenarts, veterinair directeur en oprichter van het IAHC kennisplatform. Sinds zijn afstuderen aan de Universiteit Utrecht in 1973 is hij actief binnen de gezelschapsdiergeneeskunde en bouwde hij ruim vijftig jaar praktijkervaring op als dierenarts, praktijkhouder, adviseur en initiatiefnemer binnen de veterinaire sector. Binnen EduVet Dierenkliniek levert hij eerste- en anderhalvelijns patiëntenzorg, waarbij hij zich onder andere richt op dieren met chronische of complexe klachten die worden aangeboden voor een second opinion.

Seminar: Grote Zorgen bij Jonge Honden

Op zaterdag 28 november 2026 organiseert EduVet in Veenendaal een seminar over veelvoorkomende gezondheids- en gedragsproblemen bij pups en jonge honden. Met inzichten uit gedrag, voeding, diergeneeskunde en recht.

Persoonlijke zorg voor uw hond of kat

Bij EduVet Dierenkliniek Veenendaal staan aandacht, uitgebreide diagnostiek en samenwerking met u als eigenaar centraal. Ook voor complexe of langdurige klachten en een second opinion kunt u bij ons terecht.

Lees meer van Atjo Westerhuis

Perianaal fistel bij de hond

Samenvatting: Het ontstaan van perianaal fistels is een immuungemedieerde aandoening. Het is vanouds een hardnekkige klacht, meestal voortdurend pijnlijk voor de hond, reden voor wanhoop bij de eigenaar en een

Lezen

Plasbuisverstopping bij de kater

Atjo Westerhuis, dierenarts, EduVet Dierenkliniek, Veenendaal Laatste update: november 2020 Samenvatting: Een plasbuis verstopping door een blaasgruis ‘prop’ bij de kater is een levensbedreigende situatie. Als na het wegspoelen van

Lezen

Homeopathie bij hond & kat

Wat kan homeopathie de diergeneeskunde bieden? Volgens de meeste (veterinaire) wetenschappers niets; volgens de meeste homeopathisch werkende dierenartsen veel. Wetenschappers hebben in het algemeen geen kennis van homeopathie bij dieren

Lezen

Disclaimer

Ondanks de zorgvuldigheid, waarmee wij de content van onze bibliotheek samenstellen, kan EduVet IAHC Platform  geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele zetfouten en andere onjuistheden of onvolledigheden, noch voor de eventuele gevolgen van het handelen of juist nalaten van handelen op grond van de informatie die via de content van onze bibliotheek is verkregen.

Niet zelf ‘dokteren’

EduVet IAHC Platform benadrukt daarbij, dat de informatie die via onze content is verkregen nooit een vervanging is van de professionals!
De content van onze bibliotheek laat diereigenaren en dierverzorgers met de professionals ‘meekijken’, zodat zij met kennis van zaken
kunnen meedenken en meebeslissen over welzijn en gezondheid van hun (huis)dieren. Diereigenaren en dierverzorgers worden daarom
dringend geadviseerd nooit op eigen initiatief te (be)handelen, zonder advies, instemming en begeleiding van een professional. Dat
geldt natuurlijk in het bijzonder als het gaat om de uiteindelijke keuze van de juiste behandeling.

Wetenschap en praktijk

De content van onze bibliotheek wordt niet alleen vervaardigd aan de hand van evidence based wetenschappelijke literatuur, maar vooral ook aan de hand van onze eigen empirical based inzichten.

Updating

Deze informatie kan, in het kader van updating, zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Wij vragen u om eventuele, door u gesignaleerde (vermoedelijke) onvolkomenheden in onze artikelen aan ons te melden via info@iahc.online zodat we deze, indien nodig, kunnen meenemen in de updating. Alvast hartelijk dank daarvoor.

Wetenschap en Praktijkervaring

Educatie vanuit het EduVet IAHC Platform richt zich vooral op het delen van kritisch geëvalueerde ervaringen in de praktijk met wetenschappelijke diergeneeskunde en andere vormen van diergeneeskunde. Kritisch evaluatie vooral ook ten aanzien van effectiviteit en veiligheid. In theorie is er geen verschil tussen theorie en praktijk, in de praktijk blijkt dat een verschil wel mogelijk is.

Wij streven er altijd naar om het beste beschikbare onderzoeksbewijs in onze diergeneeskundige zorg te integreren, gecombineerd met klinische expertise en de unieke behoeften of wensen van elke cliënt. Wij hebben een open mind voor de reële kansen met andere vormen van diergeneeskunde. Die kunnen in een aantal gevallen blijkbaar een waardevolle aanvulling zijn op de reguliere diergeneeskunde, met name als de reguliere diergeneeskunde geen oplossing, geen of onvoldoende effect en/of onacceptabele bijwerkingen heeft.

Omdat de zorgvraag in de diergeneeskunde veel groter is dan wij kunnen invullen met alleen wetenschappelijke of evidence based diergeneeskunde, voelen wij als professionals ons verplicht aan onze patiënten en hun eigenaren dat wij onze praktijkervaringen oftewel empirical based diergeneeskunde serieus nemen, zodat wij daarmee kennelijk extra kansen kunnen creëren voor onze patiënten.

Door het verzamelen van vergelijkbare casuïstieken van onszelf en van andere professionals in de diergezondheidszorg, met bij herhaling dezelfde resultaten, onafhankelijk van elkaar, kan een inductief of empirical based bewijs geleverd worden, dat niet alleen nu al als effectieve behandeling blijkt te kunnen worden ingezet in de praktijk, maar ook als hypothese zal kunnen dienen voor verder wetenschappelijk of evidence based onderzoek.

Wetenschappelijk onderzoek is alleen financieel te realiseren als er een commercieel of maatschappelijk belang mee gediend is. Dus wordt er heel veel nuttig onderzoek niet gedaan. Voldoende reden om praktijkervaringen niet af te doen als ‘anekdotisch’, maar serieus te nemen.