Atjo Westerhuis, dierenarts, EduVet Dierenkliniek, Veenendaal.
Laatste update: januari 2021.

Samenvatting:

In de praktijk is de vraag van huisdiereigenaren naar de behandeling van een othematoom, anders dan door chirurgische interventie, aanzienlijk. Vaak ondernemen huisdiereigenaren bij kleinere othematomen niets en wachten gewoon af, zonder behandeling; in veel gevallen met een redelijk tot soms goed resultaat. Van de behandelingsmogelijkheden, anders dan chirurgische interventie, geven wij de voorkeur aan de homeopathische behandeling. Op basis van praktijkervaringen kunnen we inmiddels aannemen dat de genezingsduur bij patiënten waarbij gekozen is voor homeopathie weliswaar net zolang duurt als bij patiënten waarbij gekozen is om niks te doen en af te wachten, maar met homeopathie de genezingsresultaten beter zijn.

Zoeken

Nieuws

Nieuwe ontwikkelingen relevant voor de deelnemers aan het IAHC platform.

Artikelen

Small Animal Gastroenterology

2nd revised and expanded edition Romy M. Heilmann, Jonathan A. Lidbury , Jörg Steiner (eds.) https://www.bol.com/nl/nl/p/small-animal-gastroenterology/9300000176615495/?cid=1755704366588-6096750069432&bltgh=nOiVoZ09y3dNUStENgZIMA.4_27.28.ProductImage  

Lees verder »

Bron

Praktijkervaringen

Bloedoor

Een ‘bloedoor’, met de wetenschappelijke naam othaematoom, tegenwoordig geschreven als othematoom, is een bloeduitstorting (haematoom of hematoom) in de oorschelp. Het komt het meest frequent voor bij honden, maar ook bij katten zien we wel eens een bloedoor. Een eigenaar kan schrikken bij het ontdekken van een bloedoor: van het ene op het andere moment heeft de hond of kat een ‘bolle’ oorschelp. Een bloedoor ziet er in het begin uit als een, vaak (iets) gespannen zwelling van de oorschelp; de zwelling kan iets pijnlijk zijn.

Oorzaken

Anatomie van de oorschelp

De oorschelp bestaat uit twee lagen: de behaarde huid aan de buitenzijde en de vrijwel kale huid, verstevigd door een dun laagje kraakbeen, aan de binnenzijde. Daar tussenin lopen veel bloedvaatjes. Door hard te klapperen met de oren, ergens tegenaan te slaan met een oor of lomp aan een oor te krabben kan (kunnen) er (een) bloedvaatje(s) kapotgaan. Dan ontstaat er een ophoping van bloed tussen de buitenlaag (huid) en de binnenlaag (huid en kraakbeen) van de oorschelp.

Oorontsteking

In een aantal gevallen, maar lang niet altijd, is een oorontsteking de mogelijke aanleiding. Otoscopie is dan ook nodig om een oorontsteking uit te sluiten of aan te tonen en dan te behandelen.

Vatbaarheid

Het is niet uit te sluiten dat de ene hond ‘vatbaarder’ is voor het krijgen van een bloedoor dan de andere hond. Dit getuige het feit, dat een hond met een othematoom aan het ene oor, niet zelden, vroeg of laat, ook een othematoom krijgt aan het andere oor.

Abces

Een zwelling van de oorschelp kan ook veroorzaakt worden door een abces. Een abces is veel pijnlijker dan een hematoom. Een abces voelt ook warmer aan dan een hematoom. De hond zal dan in de meeste gevallen ook koorts hebben en een zieke indruk maken. Vaak is er dan ook wel een krab- of bijtwondje te vinden, waardoor een infectie de kans heeft gekregen om ‘binnen’ te komen.

Behandeling

In de praktijk wordt een bloedoor op verschillende manieren behandeld. De manier van behandelen hangt af van de omvang en de localisatie van het othematoom, hoe lang het hematoom reeds bestaat en of het voor de eerste keer ontstaat of dat het een recidief is van hetzelfde oor. Deels blijkt er ook wel verschil in visie te zijn tussen dierenartsen over de juiste aanpak. Wij geven hier onze visie over de verschillende manieren van behandelen.

Niets doen

Als we niets ondernemen zal een othematoom in de regel vanzelf ‘opdrogen’. Dat zal gemiddeld zo’n 8 weken duren. Bij niks doen en afwachten is de kans groter, dat de oorschelp min of meer zal gaan verschrompelen en er een verhard, kraakbenig littekenweefsel resteert. Natuurlijk is de ernst van de uiteindelijke littekenvorming sterk afhankelijk van de omvang van het othematoom. Littekenvorming is niet alleen simpel een kosmetisch ‘dingetje’, maar een lelijk litteken kan ook een gevoelige (pijnlijke) plek blijven. Wat mij betreft is ‘niks doen’ geen optie en is het verstandig wel een behandeling in te zetten.

Operatie

Chirurgisch ingrijpen is zeker een goede optie als er sprake is van een othematoom van grotere omvang. Bij de kleinere othematomen wordt door ons de homeopathisch behandeling aanbevolen. De ingreep wordt bij voorkeur niet eerder uitgevoerd dan 10 dagen na het ontstaan van het othematoom.

Operatie in het kort

Er wordt aan de binnenzijde van de oorschelp een snede gemaakt. Via deze opening wordt het (inmiddels gestolde) bloed verwijderd. Daarna wordt de oorschelp over het gehele oppervlak van de oorschelp doorstoken met een groot aantal enkelvoudige hechtingen. De hechtingen gaan dwars door alle lagen van de oorschelp heen. Zo wordt er een stevige en gelijkmatige druk uitgeoefend op alle bloedvaten in de oorschelp, waardoor verdere bloedingen worden tegengegaan. Na de operatie zal er altijd nog wel kans bestaan op enige vervorming van de oorschelp; de oorschelp zal min of meer `gekreukeld’ kunnen raken. Natuurlijk is ook hierbij de ernst van de uiteindelijke littekenvorming sterk afhankelijk van de omvang van het othematoom.

Leegzuigen

Soms wordt een othematoom leeggezogen. De ingreep wordt bij voorkeur niet eerder uitgevoerd dan 10 dagen na het ontstaan van het othematoom. Binnen die termijn is de kans dat het oor weer volloopt na het leegzuigen heel groot, maar ook daarna zien we in veel gevallen eveneens dat het oor weer volloopt na het leegzuigen.

Cortison

Soms wordt, er na het leegzuigen van het othematoom, cortison (ontstekingsremmer) in de holte gespoten. Het resultaat is heel twijfelachtig. De kans op infectie en ontwikkeling van een abces ter plaatse, wordt groter. In EduVet Dierenkliniek wordt het leegzuigen in principe bij hoge uitzondering toegepast en dan nog alleen in een later stadium. Een injectie met een cortison is wat mij betreft geen optie.

Branden

Een moderne methode is om de bloedende vaatjes middels een ‘kijkoperatie’ (endoscopie) in de othematoom ruimte dicht te branden. Beide ingrepen zullen onder narcose moeten plaats vinden. De keuze voor deze moderne methode of de conventionele methode, die hiervoor besproken is, zal per patiënt (alleen) gemaakt kunnen worden door een dierenarts die voldoende ervaring heeft met beide methodes.

Homeopathie

Als er geen dwingende reden is om te opereren, zoals bijvoorbeeld een othematoom met een forse omvang, dan geven wij de voorkeur aan een homeopathische behandeling met een combi van de homeopathische middelen Arnica montana D6, Hamamelis virginiana D3 en Calendula officinalis D3, in gelijke delen, 3 x daags 10-20 druppels ingeven in wat water, afhankelijk van de grootte van de hond. De medicatie moet minimaal gedurende 6-8 weken gegeven worden. Gelet op de resultaten van deze behandeling in de praktijk wordt aangenomen, dat de ‘combi’ het lichaam ondersteunt om (wond)vocht en resten van bloedcellen (extravasaten) te resorberen en uiteindelijk een fraaier litteken (minimale vervorming) te bewerkstelligen.

Niet sneller, wel beter

Het genezingsproces wordt door homeopathie niet versneld! Ik zeg wel eens gekscherend: “… Zonder homeopathie duurt het circa 2 maanden, met homeopathie circa 8 weken … ” Homeopathie? Niet sneller, maar wel beter.

Disclaimer

Ondanks de zorgvuldigheid, waarmee wij de content van onze bibliotheek samenstellen, kan EduVet IAHC Platform  geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele zetfouten en andere onjuistheden of onvolledigheden, noch voor de eventuele gevolgen van het handelen of juist nalaten van handelen op grond van de informatie die via de content van onze bibliotheek is verkregen.

Niet zelf ‘dokteren’

EduVet IAHC Platform benadrukt daarbij, dat de informatie die via onze content is verkregen nooit een vervanging is van de professionals!
De content van onze bibliotheek laat diereigenaren en dierverzorgers met de professionals ‘meekijken’, zodat zij met kennis van zaken
kunnen meedenken en meebeslissen over welzijn en gezondheid van hun (huis)dieren. Diereigenaren en dierverzorgers worden daarom
dringend geadviseerd nooit op eigen initiatief te (be)handelen, zonder advies, instemming en begeleiding van een professional. Dat
geldt natuurlijk in het bijzonder als het gaat om de uiteindelijke keuze van de juiste behandeling.

Wetenschap en praktijk

De content van onze bibliotheek wordt niet alleen vervaardigd aan de hand van evidence based wetenschappelijke literatuur, maar vooral ook aan de hand van onze eigen empirical based inzichten.

Updating

Deze informatie kan, in het kader van updating, zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Wij vragen u om eventuele, door u gesignaleerde (vermoedelijke) onvolkomenheden in onze artikelen aan ons te melden via info@iahc.online zodat we deze, indien nodig, kunnen meenemen in de updating. Alvast hartelijk dank daarvoor.

Wetenschap en Praktijkervaring

Educatie vanuit het EduVet IAHC Platform richt zich vooral op het delen van kritisch geëvalueerde ervaringen in de praktijk met wetenschappelijke diergeneeskunde en andere vormen van diergeneeskunde. Kritisch evaluatie vooral ook ten aanzien van effectiviteit en veiligheid. In theorie is er geen verschil tussen theorie en praktijk, in de praktijk blijkt dat een verschil wel mogelijk is.

Wij streven er altijd naar om het beste beschikbare onderzoeksbewijs in onze diergeneeskundige zorg te integreren, gecombineerd met klinische expertise en de unieke behoeften of wensen van elke cliënt. Wij hebben een open mind voor de reële kansen met andere vormen van diergeneeskunde. Die kunnen in een aantal gevallen blijkbaar een waardevolle aanvulling zijn op de reguliere diergeneeskunde, met name als de reguliere diergeneeskunde geen oplossing, geen of onvoldoende effect en/of onacceptabele bijwerkingen heeft.

Omdat de zorgvraag in de diergeneeskunde veel groter is dan wij kunnen invullen met alleen wetenschappelijke of evidence based diergeneeskunde, voelen wij als professionals ons verplicht aan onze patiënten en hun eigenaren dat wij onze praktijkervaringen oftewel empirical based diergeneeskunde serieus nemen, zodat wij daarmee kennelijk extra kansen kunnen creëren voor onze patiënten.

Door het verzamelen van vergelijkbare casuïstieken van onszelf en van andere professionals in de diergezondheidszorg, met bij herhaling dezelfde resultaten, onafhankelijk van elkaar, kan een inductief of empirical based bewijs geleverd worden, dat niet alleen nu al als effectieve behandeling blijkt te kunnen worden ingezet in de praktijk, maar ook als hypothese zal kunnen dienen voor verder wetenschappelijk of evidence based onderzoek.

Wetenschappelijk onderzoek is alleen financieel te realiseren als er een commercieel of maatschappelijk belang mee gediend is. Dus wordt er heel veel nuttig onderzoek niet gedaan. Voldoende reden om praktijkervaringen niet af te doen als ‘anekdotisch’, maar serieus te nemen.