Memo voor Fokkers van Honden

Atjo Westerhuis, dierenarts, EduVet Dierenkliniek locatie Veenendaal

Laatste update: september 2023

Samenvatting

De beknopte overzichten in deze ‘Memo voor Fokkers van Honden’ kunnen dienen als geheugensteun in de periode vanaf de dekking tot en met de partus.

Voor een uitgebreidere toelichting en aanvullende informatie wordt verwezen naar het boek van Atjo Westerhuis, genoemd onder ‘Bron’.

Bron

Handboek Diergeneeskunde Met Homeopathie bij Honden – Gynaecologie met Homeopathie
Atjo Westerhuis, Kosmos Uitgevers, 2020, pagina 270-300, ISBN 978 90 2157 707 4.

Voorbereiding op loopsheid en dekking

Pulsatilla pratensis D3 Cimicifuga racemosa D3
Dosering Afhankelijk van het gewicht 3 x daags 5-10 druppels, verdund met water ingeven. Afhankelijk van het gewicht 3 x daags 5-10 druppels, verdund met water ingeven.
Start medicatie Vanaf 4-6 weken vóór de verwachte loopsheid. Vanaf dag 1 van de loopsheid, gerekend vanaf de eerste dag dat bloed wordt gezien.
Einde medicatie Op dag 1 van de loopsheid, gerekend vanaf de eerste dag dat bloed wordt gezien. 6 weken na de dekking.

Toelichting

Pulsatilla pratensis D3 maximaal 3 weken geven. Wanneer de teef binnen 3 weken nog niet loops is, wordt geadviseerd om te overleggen met de dierenarts.

Wanneer de loopsheid wel binnen 3 weken begint, direct op dag 1 van de loopsheid stoppen met Pulsatilla pratensis D3 en starten met Cimicifuga racemosa D3.

NB: Cimicifuga racemosa D3 wordt volgens de oorspronkelijke tekst tevens ingezet ter ondersteuning bij vroegresorptie. Dit verklaart de langere medicatieduur.

Tijdens de loopsheid

Dag 1 Bacteriologisch onderzoek (BO) en antibiogram (ABG). Indien nodig: vaginaal onderzoek.
Dag 9 In principe de eerste progesterontest.

Tijdens de dracht

Dag 28-35 Echoscopisch drachtigheidsonderzoek.
Dag 55-57 Röntgen- en/of echo-onderzoek ter bepaling van het aantal pups en/of de levensvatbaarheid.

Interpretatie progesterontest

ng/mL nmol/L
Nog geen ovulatie < 4,7 < 15,0
Ovulatie bij snelle stijging van de progesteronwaarde in dit traject 4,7-7,8 15,0-25,0
Natuurlijke dekking vanaf 48 uur na het begin van de ovulatie* > 7,8 > 25,0

* Ovulatie duurt 24 uur. Rijping van de eicel duurt 24-72 uur.
nmol/L = ng/L × 3,18
ng/L = nmol/L ÷ 3,18

Ontsluiting, weeënzwakte en te lang navloeien

Situatie Middel Dosering Toelichting
Ontsluiting Caulophyllum thalictroides D4 5-10 druppels, maximaal 3 x met een tussentijd van 1 uur. Progesteron moet zijn gedaald en/of de weeën moeten zijn begonnen.
Weeënzwakte Oxytocine 10 IE/mL injectie SC < 20 kg: 0,1-0,3 mL (1-3 IE)
20-40 kg: 0,3-0,5 mL (3-5 IE)
> 40 kg: 0,5-0,7 mL (5-7 IE)

Van Oxytocine 5 IE/mL: dubbele dosis.

LET OP: behandelend dierenarts bepaalt medicatie en dosering.

Altijd nog 1 injectie direct na de partus en nog 1 injectie 24 uur na het begin van de partus.

Ondersteuning bij weeënzwakte Sabina D3 5-10 druppels, 3 x met een tussentijd van 2-3 uur. Preventief, niet eerder dan na de geboorte van de eerste pup.

Sabina wordt als extra ondersteuning naast de oxytocine-injectie(s) gebruikt en niet in plaats daarvan.

Calciumsuppletie Calciumsuppletie via subcutane injectie* Calciumgluconaat 10%: 0,5-1,6 ml/kg

Calcium-Magnesium 12,7%: 0,3-0,9 ml/kg

Bij verdenking van calciumtekort.

LET OP: behandelend dierenarts bepaalt medicatie en dosering.

Meer informatie over calciumsuppletie bij de teef

Involutie** Secale cornutum D4 5-10 druppels, 3 x daags gedurende 1-3 weken. Direct na de partus starten.
Navloeien Ustilago maydis D3 5-10 druppels, 3 x daags gedurende 1-3 weken. Bij onvoldoende herstel van de placentaplaatsen.

* SC = subcutaan, oftewel onderhuids.
** Involutie = het krimpen van de baarmoeder na de partus.


Bron: deze memo is opgesteld door dierenarts Atjo Westerhuis en oorspronkelijk gepubliceerd via EduVet Dierenkliniek. Voor publicatie op IAHC is de tekst redactioneel aangepast. De inhoudelijke uitgangspunten, veterinaire claims, behandeladviezen en genoemde doseringen uit de oorspronkelijke publicatie zijn daarbij behouden.

LinkedIn
Twitter
WhatsApp

Dit artikel is geschreven door Atjo Westerhuis

Atjo Westerhuis is dierenarts, veterinair directeur en oprichter van het IAHC kennisplatform. Sinds zijn afstuderen aan de Universiteit Utrecht in 1973 is hij actief binnen de gezelschapsdiergeneeskunde en bouwde hij ruim vijftig jaar praktijkervaring op als dierenarts, praktijkhouder, adviseur en initiatiefnemer binnen de veterinaire sector. Binnen EduVet Dierenkliniek levert hij eerste- en anderhalvelijns patiëntenzorg, waarbij hij zich onder andere richt op dieren met chronische of complexe klachten die worden aangeboden voor een second opinion.

Seminar: Grote Zorgen bij Jonge Honden

Op zaterdag 28 november 2026 organiseert EduVet in Veenendaal een seminar over veelvoorkomende gezondheids- en gedragsproblemen bij pups en jonge honden. Met inzichten uit gedrag, voeding, diergeneeskunde en recht.

Persoonlijke zorg voor uw hond of kat

Bij EduVet Dierenkliniek Veenendaal staan aandacht, uitgebreide diagnostiek en samenwerking met u als eigenaar centraal. Ook voor complexe of langdurige klachten en een second opinion kunt u bij ons terecht.

Lees meer van Atjo Westerhuis

Perianaal fistel bij de hond

Samenvatting: Het ontstaan van perianaal fistels is een immuungemedieerde aandoening. Het is vanouds een hardnekkige klacht, meestal voortdurend pijnlijk voor de hond, reden voor wanhoop bij de eigenaar en een

Lezen

Plasbuisverstopping bij de kater

Atjo Westerhuis, dierenarts, EduVet Dierenkliniek, Veenendaal Laatste update: november 2020 Samenvatting: Een plasbuis verstopping door een blaasgruis ‘prop’ bij de kater is een levensbedreigende situatie. Als na het wegspoelen van

Lezen

Homeopathie bij hond & kat

Wat kan homeopathie de diergeneeskunde bieden? Volgens de meeste (veterinaire) wetenschappers niets; volgens de meeste homeopathisch werkende dierenartsen veel. Wetenschappers hebben in het algemeen geen kennis van homeopathie bij dieren

Lezen

Disclaimer

Ondanks de zorgvuldigheid, waarmee wij de content van onze bibliotheek samenstellen, kan EduVet IAHC Platform  geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele zetfouten en andere onjuistheden of onvolledigheden, noch voor de eventuele gevolgen van het handelen of juist nalaten van handelen op grond van de informatie die via de content van onze bibliotheek is verkregen.

Niet zelf ‘dokteren’

EduVet IAHC Platform benadrukt daarbij, dat de informatie die via onze content is verkregen nooit een vervanging is van de professionals!
De content van onze bibliotheek laat diereigenaren en dierverzorgers met de professionals ‘meekijken’, zodat zij met kennis van zaken
kunnen meedenken en meebeslissen over welzijn en gezondheid van hun (huis)dieren. Diereigenaren en dierverzorgers worden daarom
dringend geadviseerd nooit op eigen initiatief te (be)handelen, zonder advies, instemming en begeleiding van een professional. Dat
geldt natuurlijk in het bijzonder als het gaat om de uiteindelijke keuze van de juiste behandeling.

Wetenschap en praktijk

De content van onze bibliotheek wordt niet alleen vervaardigd aan de hand van evidence based wetenschappelijke literatuur, maar vooral ook aan de hand van onze eigen empirical based inzichten.

Updating

Deze informatie kan, in het kader van updating, zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Wij vragen u om eventuele, door u gesignaleerde (vermoedelijke) onvolkomenheden in onze artikelen aan ons te melden via info@iahc.online zodat we deze, indien nodig, kunnen meenemen in de updating. Alvast hartelijk dank daarvoor.

Wetenschap en Praktijkervaring

Educatie vanuit het EduVet IAHC Platform richt zich vooral op het delen van kritisch geëvalueerde ervaringen in de praktijk met wetenschappelijke diergeneeskunde en andere vormen van diergeneeskunde. Kritisch evaluatie vooral ook ten aanzien van effectiviteit en veiligheid. In theorie is er geen verschil tussen theorie en praktijk, in de praktijk blijkt dat een verschil wel mogelijk is.

Wij streven er altijd naar om het beste beschikbare onderzoeksbewijs in onze diergeneeskundige zorg te integreren, gecombineerd met klinische expertise en de unieke behoeften of wensen van elke cliënt. Wij hebben een open mind voor de reële kansen met andere vormen van diergeneeskunde. Die kunnen in een aantal gevallen blijkbaar een waardevolle aanvulling zijn op de reguliere diergeneeskunde, met name als de reguliere diergeneeskunde geen oplossing, geen of onvoldoende effect en/of onacceptabele bijwerkingen heeft.

Omdat de zorgvraag in de diergeneeskunde veel groter is dan wij kunnen invullen met alleen wetenschappelijke of evidence based diergeneeskunde, voelen wij als professionals ons verplicht aan onze patiënten en hun eigenaren dat wij onze praktijkervaringen oftewel empirical based diergeneeskunde serieus nemen, zodat wij daarmee kennelijk extra kansen kunnen creëren voor onze patiënten.

Door het verzamelen van vergelijkbare casuïstieken van onszelf en van andere professionals in de diergezondheidszorg, met bij herhaling dezelfde resultaten, onafhankelijk van elkaar, kan een inductief of empirical based bewijs geleverd worden, dat niet alleen nu al als effectieve behandeling blijkt te kunnen worden ingezet in de praktijk, maar ook als hypothese zal kunnen dienen voor verder wetenschappelijk of evidence based onderzoek.

Wetenschappelijk onderzoek is alleen financieel te realiseren als er een commercieel of maatschappelijk belang mee gediend is. Dus wordt er heel veel nuttig onderzoek niet gedaan. Voldoende reden om praktijkervaringen niet af te doen als ‘anekdotisch’, maar serieus te nemen.